Zinsverbanden.nl logo
Zinsverbanden.nl

Werpen

Wij hebben 119 voorbeeldzinnen voor werpen.

Definities

  1. Met een krachtige zwaai van de arm iets uit de hand naar iets of iemand heen laten gaan
  2. (van zoogdieren) ter wereld brengen, baren

Gerelateerde woorden

Voorbeeldzinnen

  • Ze bracht haar arm naar achteren om te werpen.
  • Niet dat ik iemand ben om de eerste steen te werpen.
  • Hij zag nog net kans een blik op de twee mannen te werpen.
  • Hij waagde het een blik naar beneden te werpen.
  • Toch dacht hij er niet over het blik zomaar weg te werpen.
  • Ze hief haar hoofd om hem een vuile blik toe te werpen.
  • Hij hoefde maar één blik op hun gezichten te werpen.
  • Hij wilde graag een blik naar binnen werpen.
  • Zou het enig licht kunnen werpen op zijn identiteit?
  • Een gekooide tijger die zich niet op zijn prooi kan werpen.
  • Nu begon die relatie meteen vruchten af te werpen.
  • Hij zal er één blik op werpen en je uitlachen!
  • Ook maatregelen van banken werpen hun vruchten af
  • Een enkele slingeraar wist een steen te werpen.
  • Ze stond op om er een betere blik op te werpen.
  • Ze dacht even dat hij zich in het stof zou werpen.
  • Het werd tijd om haar oude huid af te werpen.
  • Hij slaagde erin om me een zijdelingse blik toe te werpen.
  • Zelfs een halve vakantie lijkt vruchten af te werpen.
  • Zelfs de advocaten van Twitter werpen deze suggestie in de aanklacht op
  • Had je echt verwacht zijn bewind omver te werpen?
  • Het is tijd dat wij zelf wat schaduwen gaan werpen.
  • De moeite niet waard om er een blik op te werpen.
  • Ook blokkeren ze verkeerswegen door blokkades op te werpen
  • Een muis kan elke maand zes jongen werpen
  • Tot nu toe lijken die functies niet veel vruchten af te werpen
  • Het enige wat ik nog kon doen was me op de grond werpen.
  • Hij ontsnapte door zich in de zee te werpen.
  • Hij durfde niet nog een blik op de zonsondergang te werpen.
  • Omdat niets in de kamer een schaduw kón werpen.
  • Het maakte aanstalten om zich op haar te werpen.
  • Hij wilde zich op de man werpen en hem aftuigen.
  • Toen heeft hij de vriend in de gevangenis laten werpen.
  • Hij vond het ook niet nodig een blik op de man te werpen.
  • Zeugen werpen tegenwoordig veel meer biggetjes dan ze tepels hebben
  • Betekent dat de coalitie het regime omver moet werpen?
  • Ze wilde er in elk geval een blik in werpen.
  • Ze probeerden een blik te werpen op de certificaten.
  • Niet een van hen zal ooit nog een schaduw werpen.
  • Hij zou hebben geprobeerd het regime in Pyongyang omver te werpen
  • Inmiddels lijken de campagnes hun eerste vruchten af te werpen
  • U hebt het dier gezegd mij af te werpen?
  • Het was geen goed idee om je ergens tegen het dek te werpen.
  • Ze zouden nog geen blik op zijn stenen werpen.
  • Ze liep weg zonder nog een blik achterom te werpen.
  • Ook werpen mensen muntjes om andere wensen vervuld te zien
  • Vijf tot acht keer per jaar werpen de wijfjes.
  • En dat lijkt nu zijn vruchten af te werpen
  • Ik had dat pestding verder moeten werpen.
  • We begonnen op diverse plaatsen bommen af te werpen.
  • Hij nam niet de moeite om een blik achterom te werpen.
  • Hij moest nu een blik op die vrouw werpen.
  • Toch werpen de reddingswerkers nog niet de handdoek in de ring
  • Ik besluit mijn geheime ijsbreker in de strijd te werpen.
  • Af en toe werpen ze een blik op hun ronddraaiende trommel.
  • En hij liep weg zonder nog een blik achterom te werpen.
  • Ze werpen een nieuw licht op het verfschandaal
  • Ik waagde het een blik op hem te werpen.
  • Ze wilde zich op haar knieën werpen en hem om genade smeken.
  • Ze was te versuft van angst om zich te pletter te werpen.
  • Hij zag Butler een blik op het witte kartonnetje werpen.
  • Beiden eisen de macht op en werpen zo een schaduw over de vredesinspanningen
  • Hij liep naar het raam om een blik naar buiten te werpen.
  • Probeerde een blik op zijn oor te werpen.
  • Ze wou dat ze zich in zijn armen kon werpen.
  • Hij wist dat de afstand om het mes te werpen nu te kort was.
  • Ze zag hem een steelse blik op zijn horloge werpen.
  • Hij wist de deken van zich af te werpen en te gaan staan.
  • Betogers reageerden door barricades op te werpen
  • Ze leek op het punt te staan zichzelf uit de auto te werpen.
  • Ze moest zich nu niet snikkend in zijn armen werpen.
  • Ik onderdrukte de neiging haar een valse blik toe te werpen.
  • Ze zouden van plan zijn geweest om het soennitische koningshuis omver te werpen
  • Het lukt de Australiër nog wel om de bommen af te werpen
  • Zo af en toe werpen ze een blik naar verder.
  • We werden gespecialiseerd in het werpen van granaten.
  • Hij had een zeug die elk moment kon werpen.
  • Ze dwong zich ertoe een blik uit het raam te werpen.
  • Ze moest een blik op die verrader werpen!
  • Hij kon de staaf van hieruit naar binnen werpen.
  • U moet ernaar streven olie op de golven te werpen.
  • Het kostte haar moeite om zich niet in zijn armen te werpen.
  • Ze werpen dansende schaduwen over de vloer.
  • Het liefst zou ze zich in zijn armen willen werpen.
  • Nu begon de opleiding zijn vruchten af te werpen.
  • En hij kon natuurlijk werpen als de beste.
  • Het had een schaduw op de dag moeten werpen.
  • Ik wil er nog een laatste blik op werpen.
  • Weer klom ik naar boven om een blik naar buiten te werpen.
  • Hij zag zichzelf al de dodende speer werpen.
  • De vrouwen werpen dubbelzinnige blikken naar elkaar.
  • Niet dat het aan hem was om de eerste steen te werpen.
  • Hij leek een schaduw te werpen ter grootte van een berg.
  • Ze zouden maar één blik op hem hoeven te werpen.
  • Die andere aanpak lijkt zijn vruchten af te werpen
  • Ik kan hem naar de volgende provincie werpen.
  • Toch kon hij er niet toe besluiten ze weg te werpen.
  • Hij zou nooit meer één blik in het dossier werpen.
  • Het lukte haar hem een spottende blik toe te werpen.
  • Hij heeft een boek bij zich waar ik een blik op kon werpen.
  • Ze kon alleen nog een snelle blik over haar schouder werpen.
  • We werpen ons schort af en doen onze gympies uit.
  • Hij moest zich met noeste ijver op zijn studie werpen.
  • En die aanpak lijkt langzamerhand zijn vruchten af te werpen
  • Nog even een blik in dat souterrain werpen.
  • Geen van hen kon nieuw licht op de zaak werpen.
  • Het zal een schaduw over haar trouwdag werpen.
  • Hij moest goed mikken en snel en krachtig werpen.
  • De wolken werpen hun schaduw op het zand.
  • Ik wilde alleen maar een blikje naar binnen werpen.
  • De andere twee beginnen hem tassen en dozen toe te werpen.
  • Hij zwengelde heen en weer om me van zich af te werpen.
  • Ze durfde geen blik op de ambassadeurs te werpen.
  • Hij wilde brullen en zich op haar bedekte lichaam werpen.
  • Nu waren zij het die projectielen omlaag konden werpen.
  • Bij het werpen mocht zij nooit aanwezig zijn.
  • Ze werpen hem op het schip een touw toe!
  • Hij was blij zich weer te kunnen werpen op feitelijkheden.
  • Ik had er nog geen blik op willen werpen.

Veelgestelde vragen over werpen

Wat betekent werpen?

De betekenis van werpen is: Met een krachtige zwaai van de arm iets uit de hand naar iets of iemand heen laten gaan (van zoogdieren) ter wereld brengen, baren

Hoe gebruik ik werpen in een zin?

Je kunt werpen bijvoorbeeld gebruiken in deze zin: "Ze bracht haar arm naar achteren om te werpen."

Wat is de juiste spelling van werpen?

De juiste spelling is: werpen.