Voorbeeldzinnen
- Het royale ontbijt had ze aan zich laten voorbijgaan.
- In het voorbijgaan ving ik een glimp van hen op.
- In het voorbijgaan gaf hij nog een schop tegen het blok.
- Veel kiezers lieten de eerste dag aan zich voorbijgaan om vandaag te stemmen
- Hij is er dol op en laat geen gelegenheid voorbijgaan.
- Een buurman zegt hem in het voorbijgaan gedag.
- Ze had hem zomaar aan haar laten voorbijgaan.
- Vele jaren zullen voorbijgaan voordat we samen oud worden.
- Hij liet weer even een stilte voorbijgaan.
- Hij beet op zijn tong en liet enkele seconden voorbijgaan.
- Ik wil niet langer aan mezelf voorbijgaan.
- Ze liet het hulpeloos aan zich voorbijgaan.
- Hij monstert de matrozen in het voorbijgaan.
- Hij slenterde langs me heen en knipoogde in het voorbijgaan.
- In het voorbijgaan schuurde het geval langs de auto.
- In het voorbijgaan legde ze even haar hand op zijn schouder.
- Hij groet haar vriendelijk in het voorbijgaan.
- Ze liet een paar seconden voorbijgaan en werd rustig.
- Ze lieten enige tijd voorbijgaan en toen ontsloegen ze me.
- In het voorbijgaan tikte ze op twee deuren.
- Zoals we aan zo veel dingen voorbijgaan.
- Ze kijken niet naar hem als ze hem voorbijgaan.
- In elk geval liet het Gilde dit aan zich voorbijgaan.
- Hij bokste in het voorbijgaan een collega op de borst.
- Ze stond op en greep in het voorbijgaan haar tas van de bar.
- In het voorbijgaan had hij de hond weer gezien.
- In het voorbijgaan gaf hij haar een knipoog.
- In het voorbijgaan knipoogde ze naar me.
- Zou er geen koopje aan zijn neus voorbijgaan?
- Hij scheerde in het voorbijgaan over de rotsen.
- Hij wierp er in het voorbijgaan een vluchtige blik op.
- Wat was de wereld anders dan dingen die voorbijgaan?
- In het voorbijgaan kreeg de orgelman een onderzoekende blik.
- Hij liet een aantal seconden voorbijgaan.
- We kunnen niet voorbijgaan aan wat we zijn.
- Hij denkt na en laat een stilte voorbijgaan.
- Hij greep haar in het voorbijgaan bij haar arm.
- Het zal voorbijgaan als hij haar vergeet.
- Die zoete geur die ze in het voorbijgaan verspreiden.
- Enkelen knikten hem in het voorbijgaan glimlachend toe.
- Hij laat de herdenking aan zich voorbijgaan
- Hij groette haar in het voorbijgaan en verdween na de bocht.
- Hij gooide in het voorbijgaan zijn geld op de bar.
- En dat zal dus niet ongemerkt aan bewoners in de buurt van dijken voorbijgaan
- In het voorbijgaan keek hij zijn tuin in.
- Aan deze situatie kon hij niet voorbijgaan.
- Ik liet dit even helemaal aan me voorbijgaan.
- We zijn elkaar wel eens in het voorbijgaan tegengekomen.
- Die laat je toch niet aan je neus voorbijgaan.
- Ze zwaaien uitbundig in het voorbijgaan.
- Het gras van het gazon rimpelde met hun voorbijgaan.
- Ze merkte dit alles in het voorbijgaan op.
- Ze spoog in het voorbijgaan driemaal uit het raampje.
- Ze zag in het voorbijgaan haar vader geestdriftig klappen.
- Hij drukte op de knop maar liet de eerste lift voorbijgaan.
- Ze wierp in het voorbijgaan een snelle blik op de abt.
- Hij geeft me een kus op mijn wang in het voorbijgaan.
- En ik wil daar niet meer aan voorbijgaan.
- In het voorbijgaan raakte ze de zijkant van mijn auto.
- Het spelletje croquet liet ik aan me voorbijgaan.
- Ze wierp haar zwager in het voorbijgaan een kushandje toe.
- Uiteindelijk zullen de troebelen voorbijgaan.
- Hij streek in het voorbijgaan van achteren langs mijn benen.
- De mensen staarden hen in het voorbijgaan aan.
- Een man staarde hem in het voorbijgaan argwanend aan.
- In het voorbijgaan zag ze dat haar vader nog lag te ronken.
- In het voorbijgaan boog hij zich over het trapgat.
- Hij hoorde haar in het voorbijgaan iets tegen Patrin zeggen.
- Enkele stemmen wensten hem in het voorbijgaan goedenavond.
- In het voorbijgaan viel me op hoe vredig ze eruitzagen.
- Hij bekeek haar in het voorbijgaan op zijn gemak.
- In het voorbijgaan stak hij zijn hand op.
- In het voorbijgaan heb ik zo wel meer mensen gezien.
- Ze zagen hem slechts als een donkere schaduw voorbijgaan.
- In het voorbijgaan gaf hij de man de emmer.
- De mantel van de koning streek er in het voorbijgaan langs.
- Zou deze verwenste nacht ooit voorbijgaan?
- Astronomen konden het voorbijgaan op de voet volgen
- Hier kon hij niet zomaar aan voorbijgaan.
- Het dier dat ze in het voorbijgaan had verwond.
- Die enkele uren zouden vanzelf voorbijgaan.
- Hij probeerde in het voorbijgaan de nootjes mee te grissen.
- Hij gaf haar een knipoog in het voorbijgaan.
- Hij hief ze naar me op in het voorbijgaan.
- Ze weet dat ze te veel kansen heeft laten voorbijgaan.
- In her voorbijgaan tikte hij tegen zijn hoed en glimlachte.
- In het voorbijgaan griste ik het intuïtief op.
- Zo merkwaardig dat ik er niet aan kon voorbijgaan.
- Ze ging rechtsaf en in het voorbijgaan keek ze elk pad in.
- Hij keek in het voorbijgaan naar sommige van die huizen.
- De onbekende liet enkele seconden voorbijgaan.
- Wel had hij haar en haar vriend wel eens gegroet in het voorbijgaan
- In het voorbijgaan keek hij om en nam de blanke nog eens op.
- Pechtold zag de megadeal aan zich voorbijgaan
- Amsterdam ziet zo duizenden arbeidsplaatsen aan zijn neus voorbijgaan
- Ze gaf in het voorbijgaan een schop tegen zijn achterband.
- In het voorbijgaan geeft ze hem een kus.
- In het voorbijgaan keek hij even opzij in mijn richting.
- Geen van hen kijkt in het voorbijgaan naar hem.
- Hij gaf me in het voorbijgaan een knikje.
- In het voorbijgaan wenkte hij de waarzegster.
- Hij geeft de mensen in het voorbijgaan de hand.
- Hij wilde nu rechts aan de beuk voorbijgaan.
- In het voorbijgaan wierp ze een blik in het atrium.
- Ze liet een paar ogenblikken voorbijgaan om na te denken.
- De oude heer laat geen enkele kans voorbijgaan.
- In het voorbijgaan liet ze het licht over elk lijk spelen.
Gerelateerde woorden
Veelgestelde vragen over voorbijgaan
Wat betekent voorbijgaan?
De betekenis van voorbijgaan is: Langs een bepaald punt gaan Tot verleden gaan behoren Niet in beschouwing nemen
Hoe gebruik ik voorbijgaan in een zin?
Je kunt voorbijgaan bijvoorbeeld gebruiken in deze zin: "Het royale ontbijt had ze aan zich laten voorbijgaan."
Wat is de juiste spelling van voorbijgaan?
De juiste spelling is: voorbijgaan.