Voorbeeldzinnen
- Aan de honger in Afrika gedacht om mijn eigen leed te relativeren.
- Ze glimlachte om haar woorden te relativeren.
- Zelfs voor iemand die alles kan relativeren zijn dit lastige momenten.
- Ook tien jaar later is hij het relativeren nog niet verleerd
- Hij had heel veel gevoel voor mijn ironie en voor mijn relativeren.
- Hij weet dat er van hem geëist wordt te allen tijde te relativeren.
- Hij weet dat er van hem geëist wordt te allen tijde te relativeren.
- Ze doet haar best om de kwestie met haar dochter te relativeren.
- Hij kan mijn sombere gedachten zo goed relativeren.
- Het helpt je om werkproblemen te relativeren.
- Ook heerlijk om je eigen onzekerheid eens te kunnen relativeren.
- Ze doet haar best om de kwestie met haar dochter te relativeren.
- Zelfs voor iemand die alles kan relativeren zijn dit lastige momenten.
- Aan de honger in Afrika gedacht om mijn eigen leed te relativeren.
- Wil de auteur dat dan maar allemaal relativeren?
- Hij weet dat er van hem geëist wordt te allen tijde te relativeren.
- Ze maakte een groots gebaar waarmee ze zichzelf wilde relativeren.
- Het vervelendste is nog dat je deze somberheid niet kunt relativeren.
- Het vervelendste is nog dat je deze somberheid niet kunt relativeren.
- Zelfs voor iemand die alles kan relativeren zijn dit lastige momenten.
- Het is relativeren zonder de druk van conclusies.
- Het nieuws leek zijn verdriet wat te relativeren.
- Hij wist dat dit niet het ogenblik was om te relativeren.
- Het is nog niet de tijd om te relativeren.
- Het helpt je om werkproblemen te relativeren.
- Aan de honger in Afrika gedacht om mijn eigen leed te relativeren.
- Zegt dat hij heeft leren relativeren in de sprint.
- Ze kon het nu allemaal beter relativeren.
- Ze maakte een groots gebaar waarmee ze zichzelf wilde relativeren.
- Ze wist dat ze op dit moment niet kon relativeren.
- Hij had heel veel gevoel voor mijn ironie en voor mijn relativeren.
- Hij probeert zo de feiten te relativeren en acceptabel te maken.
- Ook heerlijk om je eigen onzekerheid eens te kunnen relativeren.
- Ze doet haar best om de kwestie met haar dochter te relativeren.
- Het helpt je om werkproblemen te relativeren.
- Het leek wel of ze elk vermogen tot relativeren miste.
- Het vervelendste is nog dat je deze somberheid niet kunt relativeren.
- Hij probeert zo de feiten te relativeren en acceptabel te maken.
- Hij had heel veel gevoel voor mijn ironie en voor mijn relativeren.
- Hij was er goed in dingen te relativeren.
- Hij probeerde wat er gebeurd was te relativeren.
- Ze maakte een groots gebaar waarmee ze zichzelf wilde relativeren.
- Ook heerlijk om je eigen onzekerheid eens te kunnen relativeren.
- Hij probeert zo de feiten te relativeren en acceptabel te maken.
- Volgens de dj kunnen ze morgen de uitslag relativeren
Gerelateerde woorden
Veelgestelde vragen over relativeren
Wat betekent relativeren?
De betekenis van relativeren is: Iets minder absoluut maken door het in een bepaalde context te plaatsen
Hoe gebruik ik relativeren in een zin?
Je kunt relativeren bijvoorbeeld gebruiken in deze zin: "Aan de honger in Afrika gedacht om mijn eigen leed te relativeren."
Wat is de juiste spelling van relativeren?
De juiste spelling is: relativeren.